Het grootste geschenk

In gesprek met ds. A. Schreuder over genade en vergeving Het grootste geschenk

Een galeischip zat vol met mensen die allemaal wat op hun kerfstok hadden. Hun enige taak was roeien. Toen de koning kwam, dacht iedereen: nu moet ik zorgen dat ik er uit kom. Eén voor één kwamen ze met hun verhaal. Steeds kwam het er op neer: “Ik heb het eigenlijk niet verdiend dat ik hier zit.” Tot de koning bij een man kwam die begon: “Het is mijn eigen schuld dat ik hier zit.” De koning liet hem niet uitpraten. “Schenk déze man gratie. Laat hem vrij!”

Genade is voor niets, het is gratis én de Heere bewijst het aan iemand die schuldig is: dat is gratie. Vrijspraak aan een schuldige geschonken: wat een wonder! De Heere schenkt genade om niet, gratis, maar tegelijk als gratie aan een schuldige zondaar. Maar hoe kun je die genade, die gratie krijgen? We gaan hierover in gesprek met dominee Schreuder.

Is er berouw nodig voor er vergeving kan zijn?
“Ja, dat denk ik zeker. Berouw betekent dat je gaat vragen om vergeving. Als je geen berouw hebt, zul je ook niet om vergeving vragen. God vergeeft niet omdat iemand berouw heeft. Berouw is wel de weg waarin de Heere vergeving wil schenken. Iedereen doet wel eens iets verkeerd, waarvan hij zegt: ‘Sorry, het spijt me’. Maar bij zonde gaat het over de verhouding tussen jou en de Heere. Je hebt God beledigd. Dat kun je niet afdoen met ‘God zal het wel vergeven, want dat is Zijn liefste werk’. Inderdaad, de Heere is bereid om zonden te vergeven. Maar er moet wél echt berouw zijn.”

Moet ik bidden om berouw óf om vergeving?
“Waarom ga je voelen dat je vergeving over iets nodig hebt? Als je voelt dat je tegen God gezondigd hebt. Als je niet beseft Wie God is, heb je ook geen besef dat je tegen God gezondigd hebt. Om echt berouw te hebben is het nodig dat je meer weet, dan alleen dat de Bijbel waar is. De Heere moet een werkelijkheid voor je worden. Dan zie je wat het is dat je tegen Hem zondigt. Dan voel je je ongelukkig. Want de Heere heeft recht op jou. Thomas Watson – een Engelse theoloog uit de zeventiende eeuw - schrijft in zijn boekje Hoofdsom van de Geloofsleer: ‘We geven God de eer door een oprechte belijdenis van onze zonden’.”

Hoe kan ik komen tot belijden van zonde?
“Er zit iets in wat jezelf niet kunt. Dat is ontzettend moeilijk. Dat botst tegen alles van deze tijd. Je moet voor jezelf opkomen, zelf je zaakjes zien te regelen. Het Evangelie is juist niet náár de mens, maar wel vóór de mens. De Heere wil, wat jij niet kunt, werken in de weg van de middelen. Vraag erom! Misschien zeg je: ‘Ik heb het aan de Heere gevraagd, maar het gebeurt niet’. Wordt niet ongeduldig! De Heere wacht wel eens met verhoring om te beproeven of het berouw oprecht is. Jij hebt de Heere misschien ook al zo veel jaar laten wachten. Nu voel je een keer dat je vergeving nodig hebt, en kun je niet wachten op de Heere! Denk maar eens aan de Kananese vrouw: ze werd afgewezen door Jezus. Maar ze was niet bij Hem weg te krijgen. Ze was in nood, en alleen Jezus kon haar helpen. En als Jezus dan zegt: Het is niet betamelijk het brood der kinderen te nemen, en den hondekens voor te werpen. Dan komt de verootmoediging. Ze zegt niet: ‘Ja máár Heere’. Maar: ‘Já Heere, ik heb aan de kruimeltjes genoeg.’. Ze grijpt zich vast aan Jezus’ eigen woord. Ze wacht tót ze geholpen wordt. Ze wordt bewaard voor wanhoop en opstand.”

Hoe kan ik het weten als de Heere mij vergeeft?
“Als je echt voelt dat je zondaar bent voor God, ga je om genade vragen. Dat kan niet anders. Genade is een belangrijk woord. Het Latijnse woord gratia betekent in het Nederland: gratis en gratie. Deze twee woorden samen zeggen precies wat genade is. Denk maar aan het voorbeeld van het galeischip. Genade is het grootste geschenk dat je kunt krijgen. Op de begrafenis van mijn opa, ik was toen twaalf jaar, kreeg ik daar voor het eerst een diepe indruk van. Op zijn sterfbed had ik hem Psalm 32 vers 1 horen zingen. Als kind bij het graf voelde ik heel diep in mijn hart: mijn opa is gelukkig, en ik niet. Ik ben weggelopen bij het graf, omdat ik met mijn gevoelens geen kant op kon.”

Wat heb ik aan dat geloof?
“In de Zondag 23 van de Heidelbergse Catechismus staat: ‘Wat baat het u nu dat gij dit alles gelooft? Dat ik in Christus voor God rechtvaardig ben, en een erfgenaam van het eeuwige leven.’ Dat is een heel kort antwoord. Wat vind je daarvan? Denk je nu: is dit alles wat je aan het christelijke geloof hebt? Ja, maar dan heb je alles! Dat brengt een blijdschap en vrede die niet te beschrijven is. De Heere laat je zien Wie Hij in Christus voor je wil zijn. Daar breng je jezelf niet. De Heere openbaart dat. Dat betekent: Hij laat er van Zijn kant het licht over schijnen. Als Hij je iets bekend maakt, geeft Hij er ook geloof bij. Wat ik eerst niet kon, gaat dan vanzelf.”

Wanneer heb ik een waar geloof?
“Denk aan het voorbeeld van de bloedvloeiende vrouw. Ze deed iets wat niet mocht: maar ze deed het want alleen Jezus kon helpen. Is dat geloof of niet? Jazeker! Kon die vrouw dat zelf voor geloof zien? Nee, want ze had niets. Ze wist heel veel niet. Ze had eigenlijk hele dwaze gedachten. Toch had ze geloof, want dat gaat Jezus Zelf bevestigen. Dat doet de Heere soms in één keer, en soms duurt dat langer.”

Heb ik vaker vergeving nodig of is het eenmalig?
“De éérste keer dat je door het geloof een blik op Jezus Christus mag slaan, is het begin van veel meer. Vergeving van zonden krijgt, als het goed is, steeds meer diepte en betekenis in je leven. Misschien heb je wel verkering, denk dan maar eens aan je eerste kus, die vergeet je nooit meer. Je denkt op dat moment dat het niet mooier kan. Ben je er dan direct klaar voor om te trouwen? Nee, de liefde voor de ander wordt steeds dieper. De liefde is later voller, maar niet minder. Zo is het ook met het geloof: wat Hij geeft is vol. Dan is het: ‘Wat blijdschap smaakt mijn ziel’. Maar wat Hij geeft moet ook voortdurend bevestigd worden. Dat is een weg van verdieping waarin de Heere je leert wat er in Christus is. Dominee P. Honkoop sr. zei: ‘In het begin was het ik en Jezus, daarna Jezus en ik, en uiteindelijk zal het zijn Jezus alleen’.”

Wat kan ik doen om dat te krijgen?
“De Bijbel roept op tot bekering en geloof. Als je eerlijk bent, voel je dat je het niet kunt en eigenlijk ook niet wilt. Vraag of God je leert voor Hem te buigen. Dat geeft een worsteling in het verborgen. Misschien loop jij met vragen waar niemand je mee kan helpen. Alleen God kan helpen. Bij Hem moet je zijn. De Heere zal er dan wel voor zorgen. Hij weet ervan af. Zo wil Hij jou, net als de Kananese vrouw, brengen op die plek waar Hij zichzelf in de volle ruimte weg kan schenken.”

Dit artikel verscheen eerder in Daniël.

Thema

Dit artikel valt onder een van onze basis thema's: